Waarom de rotzooi in huis toch nooit ophoudt (dus stop met opruimen)

27.02.2025 15:03

Je begint de dag met een opgeruimd huis en zweert dat het zo blijft. Drie uur later lijkt het alsof er een tornado doorheen is gegaan. Hoe dan?! Het is tijd om te accepteren: een huis met kinderen is per definitie een slagveld. Dus misschien is het tijd om… gewoon minder op te ruimen.

Voor elke opgeruimde kamer komt er een nieuwe chaos bij

Heb je net de woonkamer aan kant? Gefeliciteerd, de keuken ligt nu vol met kleurpotloden, broodkruimels en mysterieuze plakkerige vlekken. Kinderen hebben een talent om zich razendsnel te verspreiden—en hun rommel met zich mee te nemen.

Spelen is per definitie een bende

Bouwblokken, knutselspullen, poppen, autootjes: spelen betekent spullen. En hoe meer ze spelen, hoe groter de chaos. Natuurlijk kun je ze leren opruimen, maar laten we eerlijk zijn—dat gebeurt pas als je het honderd keer hebt gevraagd (en zelfs dan met veel zuchten).

Minimalisme is een illusie

Misschien droom je van een strak, minimalistisch interieur, maar als je kinderen hebt, is dat gewoon niet realistisch. Voor elk weggegooid speelgoedstuk komen er drie nieuwe via opa, oma of een kinderfeestje. Je kunt proberen het onder controle te houden, maar een speelgoedvrij huis? Vergeet het.

Opruimen met kinderen is als dweilen met de kraan open

Je stopt alle Duplo in de bak, draait je om, en plop—daar ligt het alweer op de grond. Je veegt de vloer en binnen een minuut lopen er broodkorsten doorheen. Opruimen is een strijd die je nooit wint. Dus waarom zou je?

De oplossing: kies je gevechten

In plaats van de hele dag door achter de troep aan te rennen, bepaal wanneer je écht opruimt. Bijvoorbeeld aan het einde van de dag of als het écht de spuigaten uitloopt. De rest van de tijd? Laat het los.

Conclusie: leef in de chaos en geniet ervan
Je huis is geen museum, maar een thuis. Dus laat die Duplo-blokken maar even liggen, stap over de stapel knutselwerkjes heen en geniet van het moment. Ooit komt de dag dat je huis weer netjes blijft—en dan mis je misschien wel de rommel.